De opgave voor Chemelot

Voor Chemelot vormt de energietransitie met zekerheid een van de meest veelomvattende en grensoverschrijdende uitdagingen waarvoor zij zich de komende jaren gesteld ziet. Wachten kan niet meer!

Er moet gehandeld worden. De omslag van fossiele grond- en brandstoffen naar schone, hernieuwbare grondstoffen en energie raakt aan de manier waarop we in de toekomst leven, reizen, consumeren en produceren en heeft grote gevolgen voor de industrie. Chemelot gaat de uitdagingen van de toekomst aan!

Dat vraagt om een wezenlijke omslag in werken en denken, iets waar deze site ervaring mee heeft. Op hetzeflde terrein werd in de vorige eeuw de omslag gemaakt van industrie, gebaseerd op steenkool, naar de productie van kunststof met nafta als grondstof. Om de kennis op het gebied van procesverduurzaming te delen en mee te werken aan wet- en regelgeving die verdere innovatie mogelijk maken, wil Chemelot nu op landelijk niveau meepraten over de aanpak van de energietransitie.

Energieverbruik

Het grootste energieverbruik in de chemische industrie komt voor rekening van de opwekking van hoge temperatuur warmte (boven 400 graden Celsius). Deze warmte is nodig voor belangrijke processen, zoals olieraffinage en stoomkraken van nafta tot brandstoffen en chemicaliën en wordt opgewekt door het verbranden van koolwaterstoffen zoals olie en aardgas.

In Nederland resulteert dit in een uitstoot van 11 MT CO2 op jaarbasis. Het is technisch mogelijk om hoge termperatuur warmte op te wekken met elektriciteit. Dit kan bijkomende voordelen hebben met betrekking tot procescontrole en de reductie van overge emissies naast CO2. Maar, met de huidige ontwikkelstatus van technieken en energieprijzen is verdere ontwikkeling nodig. Naftakrakers produceren onmisbare grondstoffen voor de chemische- en transportindustrie in Nederland zoals ethyleen, propyleen en benzine. Bovendien, nafta wordt in aardolieraffinaderijen gewonnen en het gebruik brengt grote emissies van CO2 met zich mee. Voor afzonderlijke chemicaliën en brandstoffen worden alternatieven gezocht. Het is tegelijkertijd van groot belang om bestaande fabrieken zo lang mogelijk in bedrjf te houden om daarmee de transitie te bewerkstelligen. Randvoorwaarde is dan reductie van de (netto) CO2 uitstoot van de naftakrakers en hun producten. Een belangrijk weg daarnaartoe is het gebruik van duurzame grondstoffen in de kraker zoals biomasse - en plastic afval, die door middel van pyrolyse en opwerkking van de olie geschikt gemaakt kunnen worden als grondstof voor krakers.

De verduurzaming van het productieproces in de chemiesector is voor de bedrijven op Chemelot een kans om te excelleren.

Waar de gemiddelde CO2 equivalent-reductie in de chemiesector zo'n 1,4 procent bedraagt, weten de bedrijven in Sittard-Geleen hun uitstoot jaarlijks met bijna 2 procent terug te brengen.

Tussen 1990 en 2016 groeide de productie op de chemiesite met meer dan 40 procent, maar nam de CO2-emissie af met 21 procent. Toch is de huidige uitstoot van ongeveer 6 Mton broeikasgassen substantieel. De bestaande productieprocessen zijn al voor een groot deel geoptimaliseerd. Nu staat Chemelot voor de grote opgave om een grote stap te zetten naar andere ingrepen die de 'CO2-footprint' kleiner maken. De belangrijkste grondstoffen, aardgas en nafta, moeten op den duur plaatsmaken voor duurzame alternatieven. Elektrificatie is één van de mogelijke routes om hierop in te spelen. Waterstof-infrastructuur is daarbij een andere mogelijke route die kansrijk lijkt.